Bijen

Bijen

De gemeente Ommen is rijk aan bos- en natuurgebieden waar het goed toeven is voor de honingbijen. Denk hierbij aan de kernen Junne, Varsen, Giethmen, Arriën, Beerze en natuurlijk de Lemelerberg. Maar ook binnen de bebouwde kom heeft Ommen veel te bieden voor de honingbij. Denk aan de groenvoorziening en aan tuinen van burgers. In de wijk Dante staan veel aangeplante wilgen en aan de Hardenbergerweg mooie grote lindebomen. Kortom, Ommen is prachtig divers als het gaat om dracht (gezonde voeding) voor de honingbij.

Bijenrassen

Apis mellifera carnica

Apis mellifera carnica

De leden van de Bijenvereniging Ommen houden voornamelijk bijen van het ras Apis mellifera carnica, ofwel Carnicabijen.
Het is prettig imkeren met een volk van dit ras, omdat de bijen erg zachtaardig van karakter zijn en een goede haaldrift hebben, wat veel honing oplevert. De Carnicabij heeft een lage zwermdrift en is raatvast. Dit ras gaat de winter in met een klein volk en ontwikkelt zich in het voorjaar bijzonder snel tot een mooi groot volk. Ook is de Carnicabij een raszuivere soort.

Apis mellifera mellifera

Apis mellifera mellifera

De mellifera, ook wel zwarte of Hollandse bij, is een sterk bijenras, wat zich uitstekend heeft aangepast aan ons klimaat. Bijen van dit ras zijn robuuster dan andere soorten, waardoor hun vliegbereik groter is en ze meer nectar of stuifmeel in een vlucht kunnen halen. Ook is hun kleur vrij donker en hebben ze een langere beharing, waardoor zij warmte beter kunnen vasthouden; eigenschappen die ideaal zijn in ons kikkerlandje. Overwinteren doet de zwarte bij in een compacte wintertros, waarbij minimale sterfte optreedt. Het volk is niet erg groot ten opzichte van andere rassen, maar de samenstelling met relatief veel haalbijen en langlevende werksters levert een flinke honingoogst op. Ook dit bijenras is zachtaardig van karakter en heeft weinig zwermdrift.
Omdat de zwarte bij als zuiver ras nagenoeg verdwenen was in Nederland, heeft de Twentse imkersclub ‘t Landras in 1980 het initiatief opgepakt om bij het bevruchtingsstation op de Sprengenberg bij Haarle jonge koninginnen te laten bevruchten door raszuivere vadervolken.

Buckfastbij

Buckfast

Bijen van het ras Buckfast zijn eveneens geliefd bij Nederlandse imkers. Broeder Adam van de benedictijner Abdij van Buckfast heeft dit ras ontwikkeld uit kruisingen, waarbij hij selecteerde en teelde op kwaliteiten zoals zachtaardigheid, zwermtraagheid, rustige raatzit en haaldrift.
De Buckfastbij verschilt niet veel van Carnicabijen, behalve dat zij zich in het voorjaar iets minder snel ontwikkelen en dat zij een grotere kans op vervliegen hebben. De bijen vergissen zich dan bij terugkomst en vliegen de verkeerde kast in. Dit is enigszins te voorkomen door het gebruik van verschillende kleuren, vergroten van de afstand tussen de kasten en het creëren van verschillende vaste aanvliegprofielen.